Hoogbegaafdheid en sociaal-emotionele problematiek

5
1022
Hoogbegaafdheid en sociaal-emotionele problematiek

De meerderheid van hoogbegaafde kinderen laat gemiddeld niet meer sociaal-emotionele problemen zien dan kinderen zonder hoogbegaafdheid. Zij zijn vrolijk, worden leuk gevonden door leeftijdgenoten, zijn emotioneel stabiel, onafhankelijk en competent in het maken en behouden van vriendschappen. Sommige hoogbegaafde kinderen bezitten echter kenmerken die het risico op sociaal-emotionele problematiek vergroten. Ze hebben vaak een laag zelfconcept, zijn over het algemeen angstiger, zijn vaak erg empathisch, rumineren veel, tonen vaak een grote sensitiviteit, kunnen zich eenzaam voelen, hebben vaak een groot streven naar perfectie en zijn erg kritisch naar zichzelf. Streven naar perfectie kan zorgen voor angst-producerende effecten, vooral bij meisjes. Vanuit de omgeving kunnen hoogbegaafde kinderen problemen ervaren door onrealistische verwachtingen en slechte aansluiting op school.

Hoogbegaafde kinderen lopen cognitief voor op leeftijdgenoten, waardoor zij moeite kunnen hebben met het maken en behouden van vriendschappen. Moeilijk aansluiting vinden bij leeftijdgenoten kan zorgen voor isolatie en het onderdrukken van de hoogbegaafdheid, wat tot zowel een negatief zelfconcept als psychologische problemen kan leiden. Hoogbegaafde kinderen die gepest worden, lopen risico op sociaal-emotionele problematiek vanwege het rumineren hierover. Dit kan uiteindelijk depressieve symptomen tot gevolg hebben.

The greatest intelligence is precisely the one that suffers most from its own limitations

– Andre Gide

Gevolgen stereotiepe beeld

Veel huidig onderzoek richt zich op het stereotiepe hoogbegaafde kind; een hardwerkende, bovengemiddeld presterende leerling. Hierbij wordt vooral gelet op productiviteit. Door dit stereotype kunnen leerkrachten hoogbegaafde kinderen die onderpresteren over het hoofd zien. Onderpresterende leerlingen hebben vaak een laag zelfconcept en tonen vaak teruggetrokken, sociaal onrijp en angstig gedrag. Hierdoor loopt deze groep een groot risico op het ontstaan van sociaal-emotionele problematiek. Verder wekt het stereotiepe beeld hoge verwachtingen, waaronder de verwachting dat hoogbegaafde kinderen weinig begeleiding nodig hebben. Hierdoor krijgen deze kinderen niet altijd de hulp die zij nodig hebben. Door hoge verwachtingen kan het kind een druk voelen om te presteren, wat kan leiden tot stress. Gevoelens van stress kunnen uiteindelijk gepaard gaan met lichamelijke en/of psychische klachten, wat depressie en suïcidale gedachten tot gevolg kan hebben.

Het is van belang van het stereotiepe beeld af te stappen. Door middel van een hiërarchische clusteranalyse en ANOVA met post hoc test is getracht de participanten in te delen in groepen. Er zijn in totaal drie groepen gevonden. Alle drie de groepen hebben een brede interesse en zijn creatief. Groep 1 wil verder bij de groep horen, toont DHD-kenmerken, is prikkelbaar, zeer perfectionistisch, zelfstandig en toont goede schoolprestaties. Groep 2 heeft stabiele vriendschappen, heeft een goede concentratie, toont goed gedrag in de klas, is perfectionistisch, is niet zelfverzekerd, is  zeer zelfstandig en toont zeer goede schoolprestaties. Groep 3 wisselt regelmatig van vriendschappen, toont ADHD-kenmerken, is prikkelbaar, is zeer perfectionistisch, zeer zelfstandig en toont zeer goede schoolresultaten.

Conclusie en Discussie

In dit onderzoek is onderzocht hoe bepaalde karakteristieken van hoogbegaafde kinderen samenhangen met sociaal-emotionele problematiek. Hiervoor is getracht hoogbegaafde kinderen in te delen in groepen. In totaal zijn in dit onderzoek drie groepen gevonden. Alle groepen lieten een negatief verband zien met sociaal-emotionele problematiek, waarbij groep 1 en 3 significant meer problematiek lieten zien. Mogelijk kan dit verklaard worden doordat beide groepen een zeer grote mate van perfectionisme tonen. Perfectionisme werkt in gereduceerde mate als positieve factor, terwijl excessief perfectionisme kan leiden tot stress en gevoelens van depressie en hopeloosheid. Ook willen beide groepen graag aansluiting vinden bij leeftijdgenoten. Deze kinderen kunnen sociaal-emotionele problematiek ontwikkelen omdat zij enerzijds het verlangen hebben om te leren, terwijl zij anderzijds niet uit de gratie willen raken bij leeftijdgenoten. Daarnaast tonen beide groepen de risicofactoren: prikkelbaar gedrag en ADHD-kenmerken.

Opgemerkt moet worden is dat in dit onderzoek enkel is gekeken naar kenmerken van het kind als voorspellende factor voor sociaal-emotionele problematiek en zijn omgevingsfactoren achterwege gelaten. De mate waarin scholing aan onderwijskundige behoeften voldoet, is één van de belangrijkste factoren voor het algemeen welzijn van hoogbegaafde kinderen. Toekomstig onderzoek zou zich hierop kunnen richten.

De gevonden resultaten hebben belangrijke implicaties voor de omgang met hoogbegaafde kinderen. Allereerst laten de resultaten zien dat te perfectionistische kinderen meer kans lopen op sociaal-emotionele problematiek. Het stereotiepe beeld van hoogbegaafde kinderen kan bijdragen aan excessief perfectionisme, doordat dit beeld hoge verwachtingen wekt van het kind. Dit onderzoek benadrukt het belang van een individuele benadering van hoogbegaafde kinderen. Daarnaast lijken ook kenmerken als prikkelbaarheid, ADHD-kenmerken en de behoefte om bij een groep te horen het risico op sociaal-emotionele problematiek te vergroten. Bij leerlingen met deze kenmerken is het dus van belang de ontwikkeling goed te monitoren.

Tamara Luijer MSc. (Orthopedagoog)

5 REACTIES

  1. Erg goed artikel! Leuk om eens te lezen waar wetenschappelijk onderzoek naar wordt gedaan. Bedankt Tamara! Ik heb wel een vraag die je misschien kan beantwoorden: In het artikel staat:

    “Sommige hoogbegaafde kinderen bezitten echter kenmerken die het risico op sociaal-emotionele problematiek vergroten.”

    maar tegelijkertijd zeg je dit ook:

    “De meerderheid van hoogbegaafde kinderen laat gemiddeld niet meer sociaal-emotionele problemen zien dan kinderen zonder hoogbegaafdheid.”

    Oftewel is er bij hoogbegaafde kinderen nu een verhoogd risico? want dit blijkt niet vanuit het tweede citaat.

    • Hoi Anja,

      Zou je hier iets meer toelichting op kunnen geven? Eventueel een website link, zodat we het na kunnen lezen.

      Groetjes,
      Zobegaafd redactie

  2. Wij hebben een zeer hoogbegaafde dochter die ook nog (zeer) hoogsensitief is. Zij gaat helemaal stuk op middelbare school. Wij zoeken hulp voor haar, iemand die haar kan leren om te gaan met de prikkels en de druk.
    We hebben al ervaring met diverse soorten “hulpverleners”, maar het bleken voornamelijk goed bedoelende mensen te zijn die geen idee hadden.
    Waar vind ik iemand die echt weet wat ie doet want zweefkezen die met haar gaan verven of kleien doen het niet voor haar.
    Maar ook de in HB gespecialiseerde orthopedagoog liet haar dichtklappen.
    Jullie een idee?

    • Beste Sas,

      Bedankt voor je reactie. De combinatie hoogsensitief en hoogbegaafd komt inderdaad relatief veel voor. Wij staan gelukkig in contact met diverse coaches die veel ervaring hebben met het coachen van hoogbegaafde kinderen / volwassenen. In veel van die gevallen zijn deze coaches zelf ook hoogbegaafd en kunnen daardoor uw kind extra goed begeleiden. Ik ga vandaag nog contact opnemen met een aantal van deze coaches en zal per mail even contact met je opnemen. Ik weet zeker dat een van deze coaches uw kind goed kan begeleiden. Zou je via het contact formulier nog wat extra informatie kunnen achterlaten? Onder andere in welke regio jullie wonen.

      Groetjes,
      Zobegaafd redactie

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here