Klassiek autisme

Autisme

Klassiek autisme valt onder de Autisme Spectrum Stoornis (ASS), samen met het syndroom van Asperger en PDD-NOS. Autisme is een aangeboren aandoening, die waarschijnlijk wordt veroorzaakt doordat een combinatie aan genen ervoor zorgt dat de informatieverwerking in de hersenen op een andere manier plaatsvindt dan bij mensen zonder autisme. Prikkels, zowel interne als externe, komen bij iemand die autistisch is extra hard binnen. Hierdoor hebben ze vaak moeite met het overzicht houden, kunnen ze geïrriteerd en agressief worden of juist in zichzelf keren en zijn het aantal interesses beperkt. Een autisme spectrum stoornis heeft over het algemeen een grote impact op iemands leven, met name doordat het moeilijk is om complexe sociale situaties in te schatten. Ongeveer 190.000 mensen, ruim 1% van de Nederlanders, heeft een autisme spectrum stoornis (ASS).

Geschiedenis van Klassiek autisme

Klassiek autisme, kernautisme en het syndroom van Kanner verwijzen allemaal naar de zelfde vorm van autisme. Leo Kanner (geboren in Oostenrijk) werd bekend door zijn inzichten op het gebied van klassiek autisme. Leo Kanner verhuisde naar Amerika en werd daar de eerste officiële kinderpsychiater. Hij ging zich verdiepen in de psychiatrische problemen van kinderen en bracht in 1943 een artikel uit ‘Autistic Disturbances of Affectove Contact’ dat nog steeds de basis vormt voor onderzoek naar autisme. Kanner constateerde dat autistische verschijnselen al in jonge kinderen aanwezig zijn. Aanvankelijk duidde hij het ontstaan toe aan de opvoeding, maar later in zijn leven heeft hij deze hypothese teruggetrokken. Tegenwoordig zoeken wetenschappers ook naar biologische verklaringen voor ASS. Sommigen denken dat kinderen met ASS informatie gefragmenteerd waarnemen (Zwakke Centrale Coherentie), terwijl anderen het ontstaan wijden aan een gebreken in de plannende vermogens (Stoornis in executief functioneren) of het onvermogen om zich in een ander te verplaatsen (Theory of Mind). Alhoewel niemand het nog precies weet, is de heersende opinie dat de aanleg voor de stoornis in ieder geval voor 80 tot 90 procent genetisch is bepaald. De kwetsbaarheid kan worden overgedragen van de ouders op het kind.

Kenmerken van Klassiek Autisme

Klassiek autisme is een complexe vorm van autisme. De diagnostiek vindt plaats aan de hand van de kenmerken zoals deze beschreven staan in de DSM IV. Het is echter belangrijk om op te merken dat net zoals mensen onderling verschillen, dit bij autistische mensen evengoed het geval is. Autisme komt in vele verschillende verschijningsvormen en gradaties. De kenmerken zoals die in de DSM IV staan beschreven kunnen worden gezien als een gemene deler, een set aan kenmerken waar de meeste mensen met klassiek autisme in mindere of meerdere mate last van hebben. Ook kan een verstoorde communicatie bijvoorbeeld tot twee tegengestelde reacties leiden: zwijgen en veel praten. Dit valt toch onder hetzelfde kenmerk. Een voorwaarde voor de diagnose klassiek autisme is dat onderstaande beperkingen al voor het derde levensjaar aanwezig moeten zijn. Bij ongeveer 80% is er naast het klassiek autisme ook nog sprake van een verstandelijke beperking of lage intelligentie.

Verbale en non-verbale sociale interactie

Sociale situaties en het functioneren in de maatschappij vallen vaak moeilijk met mensen die een autisme spectrum stoornis hebben. Vaak ontwikkelen autisten zich minder snel. Doordat zij de wereld vanuit een ander perspectief zien, zijn de eigen acties voor de persoon zelf heel logisch. Degene zonder de autistische stoornis zal dit niet altijd begrijpen, en dan kunnen er problemen ontstaan. Omdat iemand die autistisch is niet goed tegen veranderingen en spontane acties kan, kan hij/zij ook snel boos, stil of geïrriteerd worden. Vanaf een jaar of acht/negen worden de verschillen met de ontwikkeling van de leeftijdsgenootjes nog groter en bestaat de kans dat de problemen op sociaal vlak toenemen. Om gediagnosticeerd te worden met klassiek autisme moesten er in het verleden twee van de volgende criteria aanwezig zijn. Inmiddels is dit als diagnostisch criterium uit de DSM IV geschrapt, maar het geeft nog steeds inzicht in de problemen waar autistische kinderen mee kampen. Ten eerste, worden er vaak problemen ondervonden in het gebruik van verschillende vormen van non-verbaal gedrag, zoals lichaamshouding en oogcontact. Ten tweede slagen de kinderen er vaak niet in om relaties aan te gaan met leeftijdsgenoten. Een derde veelvoorkomend probleem is het niet kunnen delen van plezierige ervaringen, bezigheden of prestaties. En de laatste is de afwezigheid van sociale of emotionele wederkerigheid.

Communicatie en taal

Als er sprake is van klassiek autisme is ook een van de vier volgende criteria van toepassing, als aanvulling op de criteria die horen bij verbale en non-verbale sociale interactie. De volgende criteria hebben allemaal te maken met taalvaardigheid en communicatie. In veel gevallen is er sprake van een verstoorde ontwikkeling van de gesproken taal. Het tweede criterium is dat, ook als er wel spraak is, de patiënt toch niet in staat is een normaal gesprek met anderen te voeren. Het kan bijvoorbeeld dat ze moeilijke woorden gebruiken die niet passen bij de leeftijd. Een ander kenmerk is het gebruik van standaardzinnen, en herhaald of eigenaardig taalgebruik. Afhankelijk van het ontwikkelingsniveau komt het ook regelmatig voor dat iemand een nadoen spelletje speelt, waarin hij of zij de woorden herhaald, soms direct en soms na enige tijd. Ook andere fantasiespelletjes worden soms gespeeld.

Gedrag, belangstelling en activiteiten

Iemand die klassiek autisme heeft vertoont ook stereotiepe patronen van gedrag, activiteiten en belangstelling die het gevolg zijn van een verstoorde verbeelding. Ten minste een van de drie criterium moet voor een diagnose van toepassing zijn in aanvulling op de rest: namelijk, beperkte en intenste patronen van belangstellen, het vasthouden aan strikte niet-functionele rituelen, motorisch herhalende handelingen of een preoccupatie met (delen van) voorwerpen. Iemand die autistisch is kan bijvoorbeeld helemaal opgaan in het besturen van een elektrische trein en echt menen dat het noodzaak is dat die trein op tijd rijdt en daarom niet gestoord wil worden. Dit is een voorbeeld van een preoccupatie die intenser is dan een normale interesse als gevolg van een verstoorde verbeelding.

Verschillen met de andere autisme spectrumstoornissen

Zoals gezegd wordt er binnen de autisme spectrumstoornissen een onderscheid gemaakt tussen Klassiek Autisme, Asperger en PDD-NOS. Het verschil tussen Klassiek Autisme en Asperger is dat de nadruk bij Asperger ligt op de moeite met sociale interactie en de eenzijdige interesses. Het component van de vertraagde taalontwikkeling ontbreekt, en daarom verschilt het van Klassiek autisme. De cognitieve capaciteiten van iemand met Asperger zijn altijd normaal of hoger in tegenstelling tot Klassiek Autisme. Voor de diagnose PDD-NOS hoeven niet alle kenmerken van autisme aanwezig te zijn. Mensen met PDD-NOS hebben duidelijke autistische kenmerken, maar dit zijn er niet genoeg om het als autisme te betitelen. Je zou kunnen zeggen dat PDD-NOS een milde vorm van autisme is.

Hoe wordt de diagnose Klassiek Autisme gesteld?

Klassiek autisme wordt getoetst aan de hand van het wereldwijd gebruikte DSM-classificatiesysteem (Diagnostic and Statistic Manual of Mental Disorders). Allleen een psychiater of een GZ psycholoog is bevoegd om deze diagnose te stellen. De diagnose wordt gesteld aan de hand van vragenlijsten die inzicht geven in het sociaal en cognitief functioneren en vragen bevatten die aansluiten op de hierboven genoemde mogelijke problematiek. Daarnaast wordt er ook grondig met de patiënt zelf, en indien van toepassing ouders, opa en oma, leerkrachten gesproken. Zij hebben vaak veel inzicht in de gedragingen van het kind en zijn daarom een waardevolle en betrouwbare bron. Iemand hoeft overigens niet aan alle kenmerken te voldoen om de diagnose Klassiek Autisme te krijgen.

Prognose

Kinderen met klassiek autisme maken een moeilijkere ontwikkeling door dan een normaal kind. Kinderen met autisme ontwikkelen zich in een golvend patroon, met perioden van stilstand en periodes van vooruitgang. De prognose hangt van een groot deel ervan af of een kind zich blijft ontwikkelen, met hulp van hulpverleners, of niet en zijn of haar vermogen tot het leren van nieuwe vaardigheden. Sommige kinderen met autisme blijken wel begaafd te zijn op gebieden als muziek of rekenen. Een klein gedeelte van de klassiek autistische kinderen kan uiteindelijk zelfstandig wonen en heeft vaardigheden aangeleerd waarmee ze in de maatschappij kunnen functioneren. Genezen zal klassiek autisme echter niet. De meeste anderen zullen uiteindelijk begeleid gaan wonen. Daar bevinden ze zich in een beschermde omgeving waar ze de rust en de structuur vinden die ze zo hard nodig hebben.

Behandeling & Begeleiding

Zoals gezegd kan klassiek autisme vooralsnog) niet worden genezen. Met de juiste hulp is het echter wel mogelijk om een meer bevredigend leven te leiden. Veel problemen die autisten ervaren kunnen draaglijker worden gemaakt. Daarnaast biedt therapie ook handvaten voor gezinsleden die hier dagelijks mee te maken krijgen door het samenleven met iemand die klassiek autistisch is. Behandelingen hebben vaak een stabiliserende werking doordat ze de patiënt leren hoe zo goed mogelijk met de beperkingen om kan worden gegaan. Vaak komen er meer ziektebeelden voor bij mensen die last hebben van deze stoornis, denk aan depressies, angsten, agressie of dwanghandelingen. Deze symptomen kunnen soms met medicatie onder controle worden gehouden.

Omgaan met autisme

Ken jij iemand in jouw (naaste) omgeving die klassiek autisme heeft? Voor iemand met een Autisme Spectrum Stoornis is het belangrijk dat de omgeving hier goed mee omgaat. Autisten zijn gebaat bij rust, duidelijkheid en structuur. Alhoewel geen enkele autist hetzelfde is zijn er een paar dingen waar je zelf rekening mee kunt houden. Zo kun je kort en bondige vragen stellen, je zinnen korthouden en niet teveel figuurlijke uitdrukkingen gebruiken. Denk er ook aan dat emotionele gezichtsuitdrukkingen niet altijd even goed worden geïnterpreteerd en dat dit tot misverstanden kan leiden. Bewaar bij meningsverschillen je kalmte en leg alles zo goed mogelijk uit.

Cijfers

Circa 1 % van de bevolking heeft een Autisme Spectrum Stoornis. 14% van deze mensen heeft klassiek autisme, en de rest het syndroom van Asperger of PDD-NOS. Klassiek Autisme komt vier keer zo vaak voor bij mannen dan bij vrouwen. Komt autisme vaker voor dan vroeger? Er is geen bewijs voor dat autisme vaker voorkomt dan vroeger was. De stijging van het aantal mensen met autisme kan te maken hebben met aanpassingen in diagnostiek en een beter signaleringssysteem, ook op scholen bijvoorbeeld.

Tot slot

Klassiek autisme kan veel gevolgen hebben op zo ongeveer ieder vlak van iemands leven. Een gedeelte zal in staat zijn een sociaal leven te hebben en in de maatschappij mee te draaien maar lang niet iedereen zal in staat zijn om een zelfstandig bestaan op te bouwen. Met de juiste hulp zijn er echter wel mogelijkheden. Zo kunnen jongeren met ASS bijvoorbeeld begeleid zelfstandig gaan wonen. Neem als u denkt dat uw kind autisme heeft contact op met een zorgspecialist en bekijk samen de mogelijkheden. Hoe sneller er met een behandeling wordt gestart, hoe gunstiger dit is voor de ontwikkeling van het kind.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here